Rondritten

La Gaume, comme beaucoup d’autres régions recèle un petit patrimoine très riche (fontaines, lavoirs, potales, croix de chemins, ….) C’est à la découverte de celui-ci que vous emmène le petit guide “sur les chemins de Gaume – circuit auto-moto-vélo”. Vendu au prix de 2,5 € (carte du circuit comprise). !

Langs Gaumse wegen.
couvlangs Dank zij deze route die zowel geschikt is om met de auto, de motor of de fiets te doen, kan U een prachtig stukje van Belgisch Lotharingen, de Gaume, ontdekken.
Het circuit nodigt u uit om de streek met zijn typische straatdorpen, bossen, zacht glooiende landschappen en kabbelende riviertjes te doorkruisen.
Het is ook een goede gelegenheid om kennis te maken met de mensen van de streek.
Deze rondrit richt zich tot de natuurliefhebber die zich verheugt in bloemen, planten en vogels maar ook tot al diegenen die geïnteresseerd zijn in geschiedenis, volksgebruiken, religieuze en militaire monumenten.
U kunt deze route, ongeacht de weersomstandigheden, per etappe doen of verspreid over verschillende dagen.
Moge de fameuze zon van de Gaume U letterlijk en figuurlijk begeleiden langs de Gaumse wegen! Goede reis! Prijs: 2,5 €

VAN VIRTON NAAR MONTMEDY – 31 km

Virton -> Dampicourt -> Montquintin -> Lamorteau -> Torgny -> Velosnes
-> Bazeilles -> Montmédy

Virton

ringvirton De herkomst van de naam « Virton » is niet zeker gekend, maar de meeste historici verwerpen de veronderstelling dat de naam “Virton” iets te maken zou hebben met de samenvloeiing van de Vire en de Ton te Saint-Mard op het grondgebied van de gemeente Virton.
Virton” zou van Keltische oorsprong zijn naar analogie met Verdun; “dun” bestaat nog altijd in het Schots en het Iers en betekent “burcht, versterking”. “Vir” zou een verbastering zijn van “war”, oorlog.
In het Gallo-Romeinse tijdperk werd dat “Vertunum” en vervolgens “Vertun”.
In het begin van de middeleeuwen bevond Virton zich op de plaats die nu “Vieux-Virton” genoemd wordt. Wanneer een gedeelte van de bevolking zich buiten Vieux-Virton gaat vestigen, wordt de moederstap herdoopt. De naamgeving evolueert verder gedurende het tweede gedeelte van de middeleeuwen; nadien is er vaak sprake van “Verton”. Virton komt pas in die vorm voor vanaf de 18de eeuw.

Hedendaags bestaat de gemeente uit de stad Virton en de dorpen Saint-Mard, Chenois, Latour, Ruette, Grandcourt, Saint-Remy, Gomery, Bleid et Ethe. Er wonen ongeveer 11 000 mensen.

Te ontdekken in Virton

recollet Het Gaumse museum. rue d’Arlon 38-40 tel: ++32(0)63/57.03.15
Fax : ++32(0)63/57.69.42 www.musees-gaumais.be
p(cl). Het museum werd gesticht in een oude vleugel van het Minderbroederklooster, gebouwd op het einde van de 17de eeuw. Het museum werd enkele jaren geleden uitgebreid en er werd een nieuwe moderne vleugel bijgebouwd. Het Gaumse museum wil het geheugen zijn van de Gaume streek, zowel op geschiedkundig, heemkundig als artistiek gebied.

totem1 De Totempaal in het gemeentepark van Virton is een geschenk van de Canadezen die tot in 1967 op de NAVO luchtmachtbasis van Marville gelegerd waren.

De Sint-Laurentiuskerk werd gebouwd in 1826 in neoklassieke of empire stijl in gele Franse steen. Binnen kunt U een schilderij van Gaspard de Crayer bewonderen dat de verschijning van de H. Maagd aan Sint Bernardus voorstelt. De preekstoel (18de eeuw) komt uit het oude Minderbroederklooster. Op de glasramen ziet U de Hemelvaart van Maria, O.L.V. van Luxemburg, Sint-Laurentius en het doopsel van Christus.

De pastorij van Virton werd gebouwd in 1680. Zij werd geplunderd tijdens de Franse revolutie en verbouwd tot gendarmerie.
Tijdens de 18de en de 19de eeuw diende ze als schoolgebouw. In 1852 kreeg zij haar oorspronkelijke bestemming terug.

“Château Foncin”. (avenue Bouvier). Dit herenhuis in eclectische stijl met neorenaissance accenten, is een goed voorbeeld van architectonische integratie in een stadsmilieu. De overvloed van siermotieven is voortreffelijk in het geheel geïntegreerd. Het werd gebouwd in 1881. Het is eigendom van de Regie der Staatsgebouwen en momenteel is het Vredegerecht er gevestigd. Het park werd onlangs voor het publiek geopend en U kunt er enkele merkwaardige bomen bewonderen.

Het Heilig-Hart monument werd opgericht na de tweede wereldoorlog in de straat “Octave Foncin” omdat de parochie gespaard was gebleven. Het werd ingehuldigd op 22 september 1929.
Aan de basis van het monument zijn twee bronzen bas-reliëfs die ieder uit een triptiek bestaan. Aan de linkerkant wordt het brandende dorp Ethe afgebeeld en rechts zijn er taferelen van de vrede te zien.

Le Croix-le-Maire. Dit kruis herdenkt een belangrijk historisch feit: in 1270 werd aan de stad Virton het handvest met de Wet van Beaumont overhandigd door Lodewijk VI van Chiny. Dit handvest symboliseert de vrijheden van de stad. In de 18de eeuw vonden op Pinksterdag hier bij dit kruis de verkiezingen plaats van de burgemeester en de schepenen. Alleen de “burgers” hadden stemrecht. Het kruis bevindt zich in de straat “Chanoine Crousse”.

kiosque De muziekkiosk van Virton staat midden op het plein Georges Lorand. De kiosk is geplaatst op een hoge sokkel in zandsteen van Florenville en dateert uit de 19de eeuw. Deze eeuw kende het ontstaan van vele muzieksociëteiten en op vele plaatsen werden muziekkiosken opgericht. Op het plein Jean Philippe Lavallée in Saint-Mard kunt U ook zo’n kiosk bewonderen. Elke 26ste december, ter gelegenheid van de “Foire aux amoureux” vindt op de kiosk de kroning van de vleestaartenkoning plaats. De muziekkiosk van Virton en Saint-Mard zijn beiden geklasseerd.

Het klooster van de Minderbroeders. Het Gaumse museum werd gesticht in een gedeelte van dit oude klooster dat gebouwd werd in 1688 en dat 36 cellen telde. De Minderbroeders werden uit Virton verjaagd tijdens de Franse Revolutie. Het museum is gevestigd in een oude vleugel die gespaard is gebleven tijdens de brand van 1899.

De Mariafontein. Deze oude wasplaats bestond reeds in 1585 en werd overwelf in 1784. In 1815 werd er een belasting geheven op de publieke wasplaatsen en vanaf dat moment konden er alleen nog de gefortuneerde Virtonezen gebruik van maken. Door de installatie van de waterleiding in de meeste huizen tussen 1868 en 1876 werd het stil in het washuis. In 1970 plaatste het Gaumse museum er een polychroom 19de eeuwse Mariabeeld.

Het Karmelietessen klooster. Deze contemplatieve kloosterorde vestigde zich in Virton in 1903 en bouwde in 1926 een neogotische kapel gewijd aan Theresia van Lisieux. De laatste dertien Karmelietessen hebben Virton verlaten in 1989 en ze hebben hun klooster geschonken aan een vereniging die vrouwen in moeilijkheden opvangt, “la Maison du Pain”.

moulinnaisse De Naisse molen werd gebouwd in 1578 en paalt aan een leerlooierij van de 18de eeuw. Hij is gelegen langs de oevers van de Ton in de schilderachtige straat “rue des Glycines”. In de 16de eeuw werd er in oorlogstijd buskruid gemalen in deze molen, aangedreven door een waterrad. Later werd er met deze hydraulische installaties ook schors gemalen voor de leerlooierijen. In de 19de eeuw wordt de molen omgebouwd tot een zagerij die functioneerde tot in 1970

pavillon Doen! De typische straatjes en steegjes wandeling, een wandeling in het middeleeuwse centrum van Virton. Vraag inlichtingen in het VVV ”Maison du Tourisme de Gaume”, rue des Grasses Oies 2b (tegenover de Totempaal). Open 7 dagen op 7 van 9u tot 18u. U vindt er streekproducten, handwerk, boeken, toeristische informatie …en een warm onthaal.

In Virton richting Montmédy kiezen

Dampicourt

saintanne Dampicourt is het grootste dorp op het grondgebied van de gemeente Rouvroy. Het dorp bestond reeds in de Merovingische periode en bevond zich langs de helling onder de huidige kerk. Een twaalftal huizen in hout en leem waren opgetrokken in de nabijheid van een bron of een gemeenschappelijke waterput.
In Dampicourt werden eveneens fossielen van een plesiosaurus ontdekt.

Te zien!

De Sint-Georgiuskerk. De oudst gekende kerk dateert van 1570 en bevond zich op de plaats van de huidige kerk die gebouwd werd in neogotische stijl in 1842 en omringd was door een kerkhof. Binnen in de kerk bevinden zich grafstenen uit de 16de eeuw maar de grote rijkdom van de kerk is een gotische Madonna met Kind daterend uit de 13de eeuw.
In 1939 werden grote restauratiewerken uitgevoerd en de gemeente besluit om 25 oude eiken om te hakken om de werken te financieren. De vernieuwde kerk werd gewijd door de deken van Virton in 1942.

Het kruis van de H. Georgius. Dit kruis in zandsteen van de streek, werd langs de baan Lamorteau-Dampicourt opgericht in 1756. Aan de voet van de zuil ziet men de H. Georgius die de draak verslaat.

De Sint-Annakapel werd heropgebouwd in 1926. De heilige Anna is de beschermster van de graangewassen. Haar beeltenis is uitgehouwen in hout en beschilderd (1640).

Het dorp doorkruisen en op het kruispunt links afslaan richting Montmédy-Torgny. Na 50 m, rechts afslaan naar Montquintin en tot boven tot boven in het dorp rijden.

Montquintin

montquintin Montquintin ligt boven op de heuvel die de vallei van de Ton domineert, het is het enige dorpje in de Gaume dat op een heuveltop gelegen is. Bij helder weer hebt U er een zicht op Virton en de kerktorens van Aarlen en Bellefontaine. De Romeinen richtten hier om deze reden een uitkijktoren op.

Te zien!

De ruines van het middeleeuwse kasteel van Montquintin.
Tussen de 11de en de 13de eeuw werd hier een kasteel gebouwd dat Lodewijk II gebruikte om zijn grenzen te verdedigen. Het kasteel was vierkantig van vorm en telde vier hoektorens. Het was omgeven door diepe slotgrachten die door bronnen gevoed werden.
Het kasteel werd herhaaldelijk belegerd, geplunderd en verwoest: door Charles d’Ambroise in 1480, door de hertog van Orléans in 1542, Turenne in 1647 en door de Revolutionairen onder leiding van generaal Jourdan in 1794. Ook tijdens de laatste wereldoorlogen werd er grote schade aangebracht aan het kasteel.
De meest beroemde onder de vele heren van Montquintin was ongetwijfeld bisschop Jean-Nicolas de Hontheim. Hij publiceerde onder het pseudoniem Febronius een boek “De statu ecclessae…” waarin hij de almacht van de paus aanklaagden. Het boek kende een groot succes en werd in verschillende talen vertaald (Frans, Duits, Portugees en Latijn).
Het kasteel, geklasseerd monument, is actueel eigendom van de gemeente Rouvroy die het per erfpacht heeft overgedragen aan een historicus die het op zich genomen heeft de ruines te restaureren.

Het heemkundig museum, gevestigd in een oude boerderij die eveneens geklasseerd is, maakt deel uit van de Gaumse musea. Het is Monseigneur de Hontheim die deze boerderij liet bouwen in 1765.De keuken is gedeeltelijk gemeubeld met authentieke meubels uit die tijd. Het is hier dat de geestelijkheid de tienden (belastingen op de landbouwinkomsten) inde.
In de 19de eeuw diende de boerderij ook als dorpsschool, vandaar dat er in het huidige museum een klaslokaaltje is gereconstrueerd.
In de schuur en de stal zijn de verzamelingen huisgerief, werktuigen en landbouwgereedschap tentoongesteld.

De Sint-Quintenskerk. Waarschijnlijk heeft de eerste eigenaar van deze plaats, Quintinus, Sint-Quinten als patroon gekozen. De oorspronkelijk Romaanse kerk onderging veranderingen in de gotiek en werd volledig verbouwd in de 17de eeuw. De kerk is geklasseerd als historisch monument.
Wetenswaardig in verband met dit pittoreske kerkje is het feit dat er geen klok in de klokkentoren hangt uit vrees voor blikseminslag. De toren werd in geval van oorlog ook als schuilplaats gebruikt door de plaatselijke bevolking. Binnen in de kerk bevindt zich de grafsteen van Monseigneur de Hontheim, een gotisch wijwatervat in zandsteen (16de eeuw), koorstoelen uit de 18de eeuw en drie 17de eeuwse polychrome houten beelden. Op het kerkhofje rond de kerk rust de stichter van het Gaumse museum, Edmond Fouss.

Beneden in het dorp de richtingwijzer Lamorteau volgen. Dit kronkelige baantje gaat naar beneden en op het kruispunt slaat U links af richting Virton. Na 500 m, rechtsaf draaien richting Torgny.

Lamorteau

Lamorteau ligt aan de voet van de Bajociaancuesta in de vallei van de Ton. Aan het uiteinde van de rue de l’Eglise, op de hoek van de straat, staat een legendarisch huis. Deze rijke burgerswoning was bewoond door de familie de Franque en het was voorzien dat de Franse koning Lodewijk XVI, op de vlucht voor de Franse revolutionairen, hier de nacht zou doorbrengen. Zijn kamer was reeds in gereedheid gebracht en de zoon van de heer de Franque uitgestuurd om de koninklijke escorte te ontvangen. Ongelukkigerwijze werd de vluchtende koning en zijn familie die nacht, 20 juni 1791, aangehouden in Varennes.
De oorspronkelijke volumes van het huis de Franque, evenals de venster- en deuropeningen zijn behouden gebleven. Opvallend is de monumentale voordeur met pilasters met kopversiering. De datum “1780” is gegraveerd in de bovendrempel met druiplijst. Het dak is van het type “Mansart”. De schuurpoort is omkaderd met kopversieringen en is gedateerd met het jaartal “1779”. De data corresponderen met de restauratiewerken die werden uitgevoerd door de laatste heer de Franque van Lamorteau.

Door het dorp Lamorteau rijden en voorbij de brug rechtsaf richting Torgny.

Torgny (www.torgny.be)

ty2 Torgny, het zuidelijkste dorpje van België, is vooral bekend om zijn microklimaat. Het ligt immers genesteld op een zuidelijke helling en wordt tevens beschermd door de beboste heuvelkam “Montagne”. Daarom noemt men Torgny ook wel eens “la Petite Provence”. De bodem is enerzijds samengesteld uit lagen harde kalkrots en anderzijds zachte mergellagen. Torgny ligt op de zuidelijke helling van de derde cuesta, de Bajociaancuesta. De ligging, het microklimaat en de bodemgesteldheid zorgen voor een bijzonder interessante fauna en flora. Opmerkelijk in de streek zijn ook de rode daken bedekt met kanaaldakpannen die mooi kleuren met de gele kalkzandsteen waarin de huizen zijn opgetrokken. Meer dan 50 huizen zijn gedateerd (18de en 19de eeuw), het dorp is dan ook geklasseerd als één van de mooiste dorpen van Wallonië.
Er werden in Torgny tijdens opgravingen fundamenten van een belangrijke Romeinse villa ontdekt en een Frankisch kerkhof uit de 6de en 7de eeuw. In de graven van die adellijke Merovingers vond men prachtige juwelen en grafmeubilair die in het Gaumse museum van Virton zijn tentoongesteld. Deze twee archeologische vindplaatsen zijn om veiligheidsredenen terug met aarde bedekt. Sinds de fusie van 1977 maakt Torgny deel uit van de gemeente Rouvroy.

Te zien!

Het Labore-kruis staat boven in de straat “rue Cavé” en is gedateerd met het jaartal 1794

Het kruis onder de linde. Dit kruis wordt ook Demasep genoemd. Het werd opgericht in 1746 in opdracht van F. Hyiet Demasep, lid van de Sebastiaaansgilde. Het is samengesteld uit een sokkel, een tablet, een zuil en een kruis waarop een kruisbeeld in brons.

Het kruis “des aisements” bevindt zich langs de oude weg naar Longwy en werd opgericht ten tijde van de grote pestepidemieën . Op de zuil kan men het gedeeltelijk geërodeerde jaartal “158..” lezen terwijl op het stenen kruis het jaartal “1777” vermeld staat.

Het kruis “de la petite fin” bevindt zich langs de baan Lamorteau – Torgny en gaf de grens aan tussen de twee gemeenten.

Het Missiekruis. Men telt er twee in het dorp; het eerste missiekruis bevindt zich bij de hermitage en is gedateerd met het jaartal 1935 en het tweede aan de ingang van het dorp is opgericht in 1953.

Het Jacobus-kruis langs de baan naar Epiez werd opgericht door een landbouwer als dank voor een verkregen gunst. Dit kruis wordt na 1822 niet meer vermeld op de plannen van het kadaster alhoewel het nog altijd aanwezig is.

Het kruis van de “rue Grande” werd waarschijnlijk opgericht voor 1822.

Wetenswaard!
Kruisen en Calvariebergen in Belgisch Lotharingen.
In de dorpen, langs de straten, op openbare pleinen, op kerkhoven, langs bosranden en op kruispunten, komt de aandachtige wandelaar overal kruisen, of “calvariebergen” zoals ze in de streek worden genoemd, tegen. Ze zijn meestal opgetrokken in de kalkzandsteen van de streek tussen 1600 en 1900. Zij getuigen van de angst, de vroomheid, de hoop of het lijden van de boerenmens in de vorige eeuwen.
De diepere oorsprong van deze monumenten gaat terug tot de prehistorie, lang voor het christianisme zijn intrede deed in deze contreien. De prehistorische mens trachtte door het oprichten van monumenten op bepaalde plaatsen, de kwade geesten te verwijderen of er zich tenminste tegen te beschermen. Later heeft het christendom dit gebruik aangepast aan het nieuwe geloof en de symbolen vervangen door deze van de nieuwe godsdienst.
Men mag ook niet uit het oog verliezen dat deze monumenten, onafhankelijk van hun religieuze betekenis, een belangrijke rol speelden als territoriale begrenzingen, als verzamelplaats voor de dorpelingen en als oriëntatiepunt.

De wasplaats werd gebouwd in de 19de eeuw in neoklassieke stijl. Het is sinds 1982 een geklasseerd monument. Aan de voorkant staat een 18de eeuwse kruis.

Het hof “Lassus” (huis nr 8), het is hier dat het dorp Torgny ontstaan is en dit huis was waarschijnlijk het verblijf van Pierre de Bar. Opvallend is de bovendrempel van de deur die versierd is met een gotische driepasboog.

Huis n°17 in de straat “rue St.Jean”, is het oudste huisje van het dorp en is gedateerd met het jaartal 1741.

De wijngaard. In België werd er wijn verbouwd ten tijde van de Romeinen en dit tot ver in de 10de eeuw. Wat Torgny betreft wordt er in de archieven vermeld dat de wijnoogst zeer mager was en er wijn tekort was in het jaar 1698. Waarschijnlijk ging het vanaf die datum bergafwaarts met de wijnbouw in Torgny tot in 1955 de vereniging “Ardenne et Gaume” een nieuwe wijngaard aanplantte en besliste om de traditie in ere te herstellen met de hulp van het Landbouwkundig Instituut van Gembloux. Een oude dame van Torgny, bijgenaamd “la Zolette” stelde een terrein ter beschikking. De druivenvariëteiten die werden aangeplant zijn de Auxerroisdruif, de blauwe pinotdruif, de witte pinotdruif en de Chardonnaydruif. De huidige aanplantingen over een oppervlakte van 1,5 ha kunnen tot 5000 l wijn per jaar opbrengen.
Momenteel zijn er twee wijngaarden in Torgny: de “Poirier du Loup”, beheerd door de onderneming Ecoculture en de “Clos de l‘épinette” in de rue d’Epiez, uitgebaat door de heer De Laet van Torgny.

De straat “rue de l’Hermitage” opklimmen.

Het natuurreservaat “Raymond Mayné” ++32(0)63/57.04.91) is gelegen aan de noordkant van het dorp en gericht op het zuiden. Het beslaat een oppervlakte van meer dan 6 ha. Het reservaat is eigendom van de vereniging “Ardenne et Gaume” en de gemeente Rouvroy. Het reservaat behelst oude steengroeven, kalkgraslanden en kreupelhout en geniet door zijn gunstige ligging en de bodemgesteldheid van een uitgesproken microklimaat. Een kalkgrasland wordt in de Gaumse streektaal “truche” genoemd, een woord dat de droogheid en de dorheid van de bodem goed uitdrukt. De begroeiing bestaat vooral uit korte grassoorten en is het resultaat van ontbossing en oude landbouwpraktijken zoals het drieslagstelsel, het afbranden van grasland voor de winter en extensieve beweiding. Door de vernieuwing van de landbouwpraktijken en de verwaarlozing van arme gronden worden de kalkgraslanden langzaam maar zeker overwoekerd door struikgewas met een verarming van de flora tot gevolg. Hieraan trachten de beheerders van het reservaat te verhelpen en daardoor kan men hier nog altijd een uitzonderlijk rijke fauna en flora ontdekken zoals de bidsprinkhaan, de krekel, vlinders, de ringslang en zeldzame soorten planten zoals het wildemanskruid en orchideeën.

De kluizenaarswoning en de kapel worden reeds vermeld vanaf 1730. De Franse Revolutie verjoeg de laatste kluizenaar, broeder Agathon. In 1960 vestigde zich hier een Luikse zuster van de orde der Dominikanen om zich aan een leven van contemplatie en gebed te wijden.
De kapel is gewijd aan Onze Lieve Vrouw van Luxemburg sinds de verschrikkelijke pestepidemie van 1636 die de bevolking tot één derde terugdrong. Binnen in de kapel bevinden zich verschillende houten beschilderde heiligenbeelden uit de 18de eeuw.

Beneden in het dorp richting Velosnes rijden. De brug over de Chiers en de spooroverweg oversteken. Dan rechts richting Montmédy rijden. U bent in Velosnes.

Velosnes

Net over de grens op 500m van Torgny ligt het dorpje Velosnes in de vallei van de Chiers op 7km ten oosten van Montmédy. De dominante heuveltop “la Romanette” is eveneens een natuurreservaat. Er zijn ook nog overblijfselen van de imposante Maginotlinie en men heeft er sporen gevonden van een Romeins fort, een waterput en een tempel.
Velosnes is het geboortedorp van Djean d’Mady, de legendarische volksheld die met zijn viool en zijn grappen de feesten opluisterde in de streek van Virton in het begin van de 17de eeuw.

Te zien.

Het vroegere kasteel “Laval” werd oorspronkelijk gebouwd in de 13de eeuw door de familie Laval. De gronden en het “kasteel” bleven in hun bezit tot in de 16de eeuw. In de 16de eeuw bouwde de familie de Malmédy er het kasteel zoals we het nu nog kunnen zien. Het werd gedeeltelijk verwoest in 1644 en vanaf 1742 wordt het eigendom van de graaf Han de Martigny en zijn familie tot aan de Franse Revolutie. Het gebouw is opgetrokken in gele kalksteen van de streek en was oorspronkelijk omringd door diepe grachten die nog altijd zichtbaar zijn.

p(cl) De kerk van de Geboorte. Deze kerk in kalksteen werd gebouwd in 1761 en binnen kan U de beelden bewonderen van Sint Maarten, Sint Elooi en de Heilige Maagd met het kindje Jesus.

Het dorp doorkruisen en in de richting van Bazeilles rijden. In Bazeilles steekt U de brug over de Othain over en U rijdt verder in de richting van Montmédy. Op het volgende kruispunt draait U rechtsaf naar Montmédy (N43)

Montmédy

Van 941 tot 1364 was Montmédy een belangrijke stad in het graafschap Chiny. Vanaf 1235 was Montmédy de hoofdstad van het graafschap. Nadien kwam Montmédy onder het bestuur van de Boergondiërs, de Oostenrijkers, de Spanjaarden en vervolgens de Spanjaarden. In 1659 wordt Montmédy definitief ingelijfd bij Frankrijk door het Verdrag van de Pyreneeën. Montmédy heeft door zijn ligging op de grenzen in de loop van de geschiedenis altijd een belangrijke strategische rol gespeeld, vandaar zijn defensief uiterlijk: het fort van de bovenstad en stadswallen rond de benedenstad.

Te zien!

De citadel.
Vanaf 1545 begon Karel V met de bouw van de citadel op een uitstekende rotspunt ( hoogte 104m ) die de vallei domineert. Het fort is omringd door 2km lange grachten. Na het verdrag van de Pyreneeën completeert de militaire architect Vauban de versterkingswerken zoals we ze nu nog kunnen zien. Men komt het fort binnen langs twee ingangspoorten voorzien van ophaalbruggen. De tweede poort in renaissancestijl is geklasseerd als historisch monument. De bezoeker kan er een bewegwijzerd circuit volgen langs de bastions, de ondergrondse gangen, de wallen en de grachten. Men kan ook met toortsen de buskruitopslagplaatsen bezoeken die zich 20 m onder de grond bevinden evenals de waterputten van 85 m diep.

Het museum is gelegen in het fort. Hier kan de bezoeker de evolutie van de militaire architectuur volgen dank zij een hele reeks originele maquettes, iconografieën en historische documenten. Ter gelijkertijd krijgt men een overzicht over de militaire verdedigingstechnieken sinds 3000 jaar in het westen.

Het Jules-Bastien Lepage museum is eveneens gelegen in de bovenstad. Deze bekende landschap- en portretschilder stierf in 1884 op 36-jarige leeftijd.

De Sint-Maartenskerk, eveneens in de bovenstad, is gebouwd in neoklassieke stijl in de 18de eeuw en geklasseerd sinds 1929. Het strenge uiterlijk van de kerk past goed in het militaire kader van de bovenstad. Op de voorgevel kan men het blazoen van één van de laatste abten van het oude klooster van Orval, Albert de Meuldre, ontdekken. Op religieus gebied was Montmédy immers afhankelijk van de abdij van Orval.
Het fort van Montmédy is gans het jaar open behalve in december en januari.
Voor alle inlichtingen kan U zich wenden tot het “Office du Tourisme du Pays de Montmédy”, Citadelle – B.P. 28 – F – 55600 Montmédy. Tel. ++ 33 (0) 3 29.80.15.90.

[Edité le 04 Octobre 2009]


maison du tourisme

liens

à télécharger

396799 visites sur
cette page
depuis le 1er mai 2005
-

Réalisation : alysse.info